
Onrust in wijkcentrum vraagt om structurele oplossing
AlgemeenSpijkenisse - Wijkcentrum De Kleine Rietlander in Waterland moet een fijne plek zijn, dus er moet een oplossing komen voor de problemen die er nu zijn tussen de diverse gebruikersgroepen.
Een jaar geleden werd op winkelcentrum Waterland wijkcentrum De Kleine Rietlander geopend. Een lang gekoesterde wens van wijkbewoners en wijk- en bewonersgroepen.
Het was de bedoeling dat de diverse groepen samen het beheer op zich zouden nemen. De gemeente had het idee om van iedere vrijwilligersgroep een vertegenwoordiger in een overkoepelende organisatie te plaatsen. In de praktijk bleek echter dat de samenwerking niet lekker liep en om die reden heeft de gemeente een beheerder aangesteld om de zaken te stroomlijnen. Volgens wethouder Postma niets bijzonders, want ieder wijkcentrum heeft een beheerder, die het aanspreekpunt is bij vragen en problemen.
Afgelopen zomer bereikten de problemen tussen de diverse groepen hun dieptepunt, nadat een vrijwilligster een gesprek had opgenomen. Tijdens de raadsvergadering van 22 februari jl. stelde Sip van der Weg (CDA) een vraag aan de ONS fractie over dit opgenomen gesprek. Dit omdat de vrijwilligster in kwestie voor ONS in de raad zit. Burgemeester Van Oosten gaf aan dat de rondvraag enkel bestemd was voor vragen aan het college. Niet alleen het CDA stelde de kwestie aan de orde, eerder kaartte Léon Soeterboek de kwestie al aan in de commissie Sociaal Domein en inmiddels hebben VOOR Nissewaard en Belang van Nissewaard schriftelijke vragen gesteld. VOOR Nissewaard merkt daarbij wel op dat ieder raadslid vrijwilligerswerk moet kunnen uitvoeren, zolang het geen directe gevolgen heeft voor het functioneren als raadslid of de integriteit aantast.
ONS fractievoorzitter Rob van der Waal geeft desgevraagd aan dat de fractie op de hoogte gesteld was door Nathalie Kiers, dat zij een gesprek had opgenomen. ‘Dat was niet handig en zelf besefte ze dat ook, dus ze heeft haar excuses gemaakt.’ Van der Waal is blij dat de gemeente de regie opgepakt heeft en zorgt dat er rust komt voor de betrokken groepen en dat er gebouwd kan worden aan een goede harmonie. ‘We moeten er alleen wel voor zorgen dat er niet te veel regels komen, waardoor de creativiteit van de vrijwilligers beperkt wordt.’ Hij betreurt de hele gang van zaken binnen de raadsvergadering. ‘Dit soort discussies horen niet in de raad thuis, maar in een andere omgeving, zodat we er ook op kunnen reageren.’
Sylvia Kats van de Stichting WaterlandSpijkenisse ziet het appje van Nathalie Kiers echter niet als een excuus. ‘We hadden een gesprek waarbij wat irritaties rondom een vrijwilliger werd besproken. Dat gesprek hebben zowel Nathalie als haar vader opgenomen. Er kwam twee weken later een appje in de gemeenschappelijk wijkcentrum app waarin ze aangaf dat ze een gesprek had opgenomen en dat ze ervan uitging dat we wel wisten waarom het opgenomen was. Zo ga je echter niet met elkaar om. We zitten bij elkaar en kunnen elkaar niet ontlopen maar de situatie was wel zo dat we als er wat was, elkaar konden aanspreken. In die sfeer en met vertrouwen in de gesprekpartners werd het gesprek dus gevoerd. Wat leuk liep, is met één actie omgekeerd en de sfeer is nu te snijden.’ Sylvia heeft contact gehad met zowel wethouder Mijnans als met wethouder Postma. ‘Er werd voorgesteld om Nathalie te vragen om een echt excuus te maken, maar dat wilde ik niet. Een excuus moet uit jezelf komen, daar moet je niet om vragen.’ Inmiddels is er door Sylvia aangifte gedaan tegen zowel Nathalie als haar vader, mede omdat ze betrokken vrijwilligers had voorgehouden dat ze misschien juridische stappen zouden kunnen ondernemen. De aangifte tegen haar vader wordt gedaan omdat er volgens Sylvia vier getuigen zijn tegen wie Nathalie gezegd heeft dat hij het gesprek ook heeft opgenomen.
De opmerking over juridische stappen wordt bevestigd door Sandra Jansen van De Rietlandjes. ‘Ik kwam een voor de wijkgroep Wen en San aangeschafte laptop terugbrengen omdat Wendy eruit gestapt is en Wen en San is opgegaan in De Rietlandjes. In het kantoor trof ik een delegatie van de bewonersgroep en vrijwilligers van de Stichting WaterlandSpijkenisse. Ik voelde er echter niet voor, net zo min als de andere vrijwilligers die aanwezig waren om het opgenomen gesprek af te luisteren. Ik ben zelf ook bij het betreffende gesprek aanwezig geweest, maar ik heb Sylvia niets verkeerds horen zeggen.’
Natuurlijke mag de Bewonersgroep Waterland gebruik maken van het wijkcentrum, maar het vertrouwen is weg, geven Sylvia en Sandra aan. Om een succes te maken van het wijkcentrum zal er naast elkaar gewerkt moeten worden. En dat kan want zowel Sylvia als Sandra geven aan geen zeven dagen per week activiteiten te willen ontplooien. Sandra:’ Ik richt me vooral op kinderen en jongeren, maar krijg op dit moment niets voor elkaar. Vanaf dag 1 was duidelijk dat het wijkcentrum het clubgebouw van de bewonersgroep was en dat anderen zich maar moesten aanpassen. Wat ook meespeelt is dat we jongeren vanaf 15 jaar moeten doorsturen naar de jongerencentra in Maaswijk en op de Westdijk, maar dat willen de jongeren niet. Sommige mogen er ook niet heen van hun ouders. Ik wil ze graag een plekje op Waterland geven, maar volgens de jongerenwerkers staan er hier te veel spullen en kunnen ze derhalve niets doen.’ Sandra hoopt dat door gesprekken met de gemeente het mogelijk wordt om op vrijdagmiddag iets te organiseren voor de groep tot 15 jaar. ‘Dan moet echter de bewonersgroep wel bereid zijn om op een andere dag hun spelletjesmiddag te organiseren, want ik ga niet met die groep tegelijkertijd in het pand zitten. Ik heb een knoop in mijn maag als ik er heen ga (vanwege eerdere problemen) en ik weet dat er meer mensen zijn die er niet meer heen gaan omdat er nooit duidelijk naar buiten gebracht is waarom er niet meer door bepaalde groepen samengewerkt wordt, tot het in de media kwam. ‘
‘We passen ons constant aan, maar hebben niet het idee dat we gehoord worden’, zegt Sylvia. ‘De gemeente is de baas en als die wil dat we bij elkaar komen dan ben ik er. Ik zeg de anderen gedag maar daar houdt het op. Nogmaals, het vertrouwen is weg dus we kunnen niet met elkaar samen werken. Wel naast elkaar, want iedere groep doet goede dingen. De bewonersgroep hoeft echt niet weg, maar misschien dat er poppetjes gewisseld moeten worden want we hebben nu het idee dat als zij iets willen en de beheerder wil daar niet aan mee werken, ze bij de wethouder aan het jasje trekken en de zaken dan geregeld worden zoals de bewonersgroep wil.’
Waar er drie kijven, hebben er drie schuld aldus Sylvia. ‘Van mijn kant was het niet slim om iets te zeggen over een ander. Wat ik vreemd vind, is dat Nathalie Kiers een woordvoerder heeft, in de vorm van de ONS fractievoorzitter. Zo wordt het een politieke kwestie. Het spreekt voor de partij dat ze haar niet laten vallen, maar ze is mans genoeg om zelf te reageren. ‘ ‘Er wordt gezegd dat ze het als vrijwilliger gedaan heeft, maar ze is raadslid en dat ben je 24/7. Je hebt dus te maken met een bepaalde integriteit’, vult Sandra haar aan. De reden dat Nathalie niet zelf de pers te woord staat, maar de communicatie via de fractievoorzitter van ONS gaat, is omdat de kwestie naar het politieke vlak getrokken is. De fractie vindt het verstandiger dat Nathalie nu geen commentaar geeft.
De vrijwilligers van de Bewonersgroep Waterland herkennen zich niet in hetgeen in de media gezegd wordt over roddel en achterklap en een negatieve sfeer. ‘We reageren ook niet op zaken die op social media worden geplaatst’, zegt Jacqueline van Ballegoie van de bewonersgroep. ‘Dat kost alleen maar energie en we stoppen die liever in positieve zaken. Het is overigens vanaf het begin al zo geweest dat mensen die op één of andere manier betrokken zijn bij één van de andere groepen uitspraken doen over de bewonersgroep. Zo zouden we bijvoorbeeld slechte koffie schenken, alleen heeft die persoon nooit bij ons koffie gedronken. Ook werden er vervelende dingen gezegd over vrijwilligers die hard gewerkt hebben aan het gebruiksklaar maken van het wijkcentrum. Dit soort uitspraken bevorderen een samenwerking helaas niet.’
Volgens Jacqueline was de portefeuillehouder in de vorige raadsperiode op de hoogte van de problemen, maar ze heeft niet de indruk dat er iets gedaan is om de situatie te verbeteren. ‘Hij heeft een bemiddelingsbureau ingezet om de samenwerkingsvorm die de gemeente in gedachten had toch gestalte te geven, maar die inzet heeft meer kwaad gedaan dan goed; de onderlinge verstandhouding was eigenlijk redelijk. Onze doelgroep werd in het gesprek met het bureau zelfs schijndood genoemd, terwijl we juist steeds meer bezoekers van onze activiteiten ontvangen. Niemand van de gemeente die daar iets van zegt. Wij hebben destijds de zaak niet op de spits willen drijven, want we willen een goed draaiend wijkcentrum. Alleen de manier waarop de gemeente dat voor zich ziet, is moeilijk door de terughoudendheid bij alle partijen, door het wantrouwen dat in het verleden is opgebouwd.’
Het bevreemdt de bewonersgroep overigens wel dat er niet alleen aangifte gedaan is tegen Nathalie maar ook tegen haar vader. ‘Ik ben zelf niet bij het gesprek aanwezig geweest, maar begreep dat Nathalie het op een gegeven moment te gortig vond worden wat er gezegd werd en een deel van het gesprek heeft opgenomen. Ze heeft het later ook bij de betreffende vrijwilligers aangegeven in de trend van dit en dat is er over jullie gezegd. Weet hoe er over jullie gedacht wordt en wees op je hoede. Het gesprek heeft ze niet laten horen. Dat haar vader gelijktijdig het gesprek zou hebben opgenomen, wil er bij ons niet in.’ Volgens Jacqueline heeft Nathalie overigens wel degelijk haar excuses aangeboden in de groepsapp en in dat bericht ook aangegeven dat het gesprek is verwijderd en met niemand is gedeeld.
Jacqueline vindt het jammer dat door alle publicaties onrust ontstaat. ‘Er zijn mensen die bijna huilend binnenkomen omdat ze bang zijn dat het wijkcentrum gesloten gaat worden. Dat gaat echt niet gebeuren, we gaan er uit komen en iedere organisatie kan gewoon zijn eigen activiteiten organiseren, zoals in het najaar in een convenant is vastgelegd.’ Het wijkcentrum is voor iedereen’, benadrukt Jacqueline. ‘Het is niet het clubhuis van de bewonersgroep.’ De bewonersgroep had eerst een onderkomen in het Poorthuis, maar moest daar weg. De andere groepen hadden geen vaste plek, maar in het wijkcentrum kunnen ook zij hun activiteiten ontplooien. ‘Ook voor nieuwe activiteiten is plek; er zijn genoeg plannen die even in de koelkast hebben gestaan omdat eerst de rust teruggekeerd moest zijn. Alleen voor jongeren vanaf een jaar of 15 geeft de gemeente op advies van de wijkagent geen toestemming, vanwege eventuele aanzuigende werking van niet gewenste groepen. Daarom moeten de jongeren naar een van de jongerencentra.’ De beheerder van het wijkcentrum gaat niet over de activiteiten, uitsluitend over het beheer. ‘En wij hebben eenmaal met een wethouder gesproken over zaken die niet helemaal naar wens liepen, maar verder niet.’
De afgelopen maanden functioneerden de diverse groepen naast elkaar. ‘Er was rust en regelmaat met succesvolle activiteiten en we waren allemaal bezig met een nieuwe activiteitenkalender. Nu gaat de politiek zich er mee bemoeien en wordt er met modder gegooid over de rug van de vrijwilligers. Daar schiet niemand iets mee op. We, en daarmee bedoel ik alle groepen die gebruik maken van het wijkcentrum, willen gewoon een goed lopend wijkcentrum waar iedereen welkom is’, zegt Jacqueline tot besluit.















